Poppolls (#9)

Komende week beginnen de verkiezingen voor de Tweede Kamer. Driekwart van de mensen weet nog niet waarop te stemmen. Zelf zweef ik ook nog een beetje. Dat was in mijn tienertijd wel anders. Als we voor de jaarlijkse poppolls onze voorkeuren voor bandjes en artiesten kenbaar mochten maken, ging mijn stem zonder enig nadenken naar mijn favoriete band. U weet wel, Earth and Fire.

Zoals de eindejaarslijstjes nu, waren in de zeventiger en tachtiger jaren de polls zeer populair. Een waar fenomeen. Net als de bladen waar ze in stonden. Voor fans waren Muziek Expres, Hitkrant en muziekkrant OOR zo’n beetje de enige informatiebronnen in die tijd. Als Earth and Fire hoog in de hitparade stond, werden de fans rijkelijk bediend met interviews en posters. Er zijn nog steeds wel muziekbladen, maar niet specifiek voor tieners en al helemaal niet met een wekelijkse verschijningsvorm zoals in mijn tijd. Mijn oudste zoon had vlak voordat het blad ter ziele ging nog wel een abonnement op de Hitkrant, maar mijn jongste zoon haalde zijn informatie al van YouTube en Instagram.

In de hoogtijdagen van Earth and Fire stond de band vaak hoog in de populariteitspolls. Begin jaren zeventig was het zelfs bijna een soort van vanzelfsprekendheid. Niet alleen in Muziek Expres en Hitkrant, maar ook in muziekkrant OOR. Dat laatste was best bijzonder omdat het muziekblad amper aandacht aan de band besteedde. Ik geloof dat ik maar een of twee interviews heb. Halverwege de jaren zeventig stortten de verkoopcijfers van Earth and Fire in en raakte de band ook de hoge posities in de polls kwijt. Een slappe periode die het met Weekend in één klap goed maakte. Jerney werd weer verkozen tot beste zangeres en Reality fills fantasy zelfs tot album van het jaar. Maar de populariteitspolls bleken een genadeloze graadmeter van succes. De volgende albums evenaarden de verkoopcijfers van Reality fills fantasy niet en de band kwam in de polls niet meer voor.

Terug naar de huidige verkiezingen. Als we de popbands van nu – veelal zzp’ers zonder vangnet – willen blijven horen, moet er wel wat gebeuren om de cultuursector overeind te houden. De bezuinigingen op kunst en cultuur en de grote verliezen door de huidige coronacrisis hebben de sector in grote problemen gebracht. Best zuur als je bedenkt dat vooral de ontroerende filmpjes van zingende mensen op balkons, dansende thuiswerkers op TikTok en de samenzang en samenspel vanuit diverse huiskamers door zangkoren, orkesten en bandjes ons door de eerste golf sleepten.

Ik weet natuurlijk ook wel dat stemmen op een politieke partij van een andere orde is dan stemmen op mijn favoriete band of gitarist. De eerste stem kan optellen tot een bepaald aantal zetels in de Tweede Kamer, waar wetsvoorstellen wel of niet aangenomen worden. Het kan de cultuursector ondersteunen of juist ondermijnen. En als dat laatste het geval is, kan dat grote gevolgen hebben voor onze artiesten. Minder subsidie, minder publiek, minder optredens, minder verdiensten. De populariteitspolls zijn slechts een afspiegeling van het succes van bands die ondanks de moeilijkheden in de cultuursector hun plekje hebben weten veilig te stellen met mooie verkoopcijfers.

Welke partij ik ook stem woensdag, het zal in elk geval op een vrouw zijn. Een gewoonte die is ontstaan met mijn stem op Jerney als beste zangeres. Een vrouw die zich later als voorzitter van BV Pop en directeur van Buma Cultuur ontpopte als een ware voorvechter van de rechten van muzikanten in Nederland.

[Foto: Peter Mazél, Sunshine]

Verliefd op vinyl #8

Verbaasd vroeg ik me afgelopen week af of het een nieuwe hype is of dat ik onder een steen had gelegen. Op mijn Instagram kwamen ineens allerlei foto’s langs van vinyl op draaitafels, met de hoes er naast opgesteld en vergezeld van een stortvloed aan hashtags als #nowspinning #vinyllovers en #vinylporn (ja écht!). Blij werd ik er van, want ik zag ook albumhoezen van mijn favoriete band. U weet wel, Earth and Fire.

In de Earth and Fire Facebookgroep zag ik natuurlijk wel af en toe een albumhoes in huiselijke setting langskomen. Maar naïef als ik ben dacht ik dat iemand dat speciaal voor de groep deed. Na het intikken van veelgebruikte hashtags wist ik beter. De stroom aan foto’s met hoezen, platenspelers en allerlei soorten display bleek eindeloos. Het vinyl hing aan muren, stond in vintagekastjes of werd tentoongesteld in vakkenkasten van het merk dat bekend staat om z’n Zweedse balletjes. Opvallend is dat ik vooral liefhebbers van progrock zag. Of zou dat aan mijn algoritme liggen?

Ik snap die obsessie met vinyl wel. Ik was er vroeger ook gek op. Nu heeft iedereen het vooral over 7 inch of vinyl, maar in mijn tijd zeiden we gewoon elpee, album of single. Heel bijzonder was het niet, want bij gebrek aan een alternatief had iedereen platen. Wel bijzonder was dat ik, in tegenstelling tot mijn leeftijdsgenoten, geen elpees van Michael Jackson, U2, Tears for Fears of Simple Minds had. Bij mij bijna uitsluitend albums van Earth and Fire. Of wat daarmee te maken had. En andere nederpop zoals Shocking Blue. Oude meuk die verder niemand draaide. Hoe anders is dat nu.

Volgens mij kun je de huidige vinyllovers in twee categorieën verdelen. De eerste is de groep van de door Van Kooten en De Bie benoemde oudere jongeren. Voornamelijk mannen die in hun mancaves met dure platenspelers en dito stereo-installaties gelukkig zitten te wezen. Met hoogstwaarschijnlijk een whisky in de hand, luisterend naar muziek uit hun jeugd. Elke groef een trip down memory lane. De tweede groep bestaat uit de echte jongeren, de groep die opgroeide met mp3’s, downloads en muziekstreaming via YouTube of Spotify. Waarvoor muziek door vinyl ineens tastbaar wordt. Het prachtig artwork van een hoes een kunstwerk mooi genoeg om te showen. En waarvoor het geluid op vinyl, met al z’n ruis en kraakjes, ongepolijst is als het leven zelf.

Hoewel ik bij de opkomst van de cd de overstap heel makkelijk maakte, is het ontzag voor de elpee altijd gebleven. En waar veel leeftijdsgenoten hun platencollectie de deur uit deden, breidde mijn verzameling zich juist uit. Maar ook nu bleven de aanwinsten beperkt tot voornamelijk Earth and Fire. Via e-bay kocht ik bijzondere exemplaren die ik met mijn tienerzakgeld niet had kunnen betalen. En alles onder het mom van de website en het overzicht compleet te willen maken. Jarenlang deed ik aan selectieve ‘crate digging’. In elke kringloopwinkel, tweedehands platenzaak of rommelmarkt snuffelde ik door de bakken, uitsluitend op zoek naar materiaal van Earth and Fire.

Ik vind het prachtig dat steeds meer jongeren vinyljunkies zijn. Dat ze niet alleen tweedehands maar ook nieuw kopen. En dat door hun vraag en interesse steeds meer bands hun albums ook of juist alleen op vinyl uitbrengen. Ook ik koop weer nieuw vinyl. Dat komt doordat een aantal albums van mijn lijfband opnieuw op de plaat zijn uitgebracht. Zelfs op gekleurd vinyl. Het verschil met vroeger is dat ik deze nieuwe exemplaren niet zal draaien. Omdat het collectorsitems zijn die maar in beperkte oplage worden uitgebracht, maar ook omdat – in tegenstelling tot mijn eerste elpees – deze blauwe, rode, gele en gouden exemplaren toch niet meer ‘grijsgedraaid’ kunnen worden. Dan heeft pronken op Instagram ook geen zin. Want vinyl moet je beleven.

O o Den Haag (#7)

Straatnamen vernoemen naar Haagse bands en muzikanten. Dat wil Martin Reitsma in een nog te bouwen wijk in Den Haag. Omdat hij vindt dat die Haagse pophelden een eerbetoon verdienen voor de wijze waarop ze met hun muziek Den Haag als popstad op de kaart hebben gezet. Wie weet kun je over een tijdje vanaf het Motionsplein, via de Q65 kade door het Golden Earringkwartier lopen naar een plantsoen vernoemd naar mijn favoriete band. U weet wel, Earth and Fire.

Dit plan past wel in mijn straatje en ik juich het zeer toe dat muziekjournalist Reitsma samen met prominente Hagenaars Sjaak Bral, Patricia Steur, Léonie Sazias, Marion Bloem en Paul van Vliet iets terug wil doen voor de muzikanten die Den Haag zoveel hebben gebracht. Het gaat niet alleen om popbands uit de jaren zestig en zeventig, maar ook om artiesten als Anouk, Kane en Di-rect die op de schouders van de bands voor hen staan. Ik heb de petitie natuurlijk direct ondertekend. En met mij al ruim 1.600 mensen. And counting.

Waar ik bij het schrijven van dit stukje achterkwam, is dat bij straatnaamvernoemingen nogal wat komt kijken. Zo is er in elke gemeente een straatnaamcommissie die advies uitbrengt aan het College van B&W. Zo’n commissie dient zich aan een aantal (ongeschreven) regels te houden. Er moet bijvoorbeeld een bepaalde samenhang zijn in de naamgeving van straten die bij elkaar in de buurt liggen. Voor een nieuw te bouwen muziekwijk zou dat geen obstakel hoeven zijn. Maar de regel dat een straatnaam makkelijk te schrijven en duidelijk verstaanbaar is, wordt al lastiger. Het gevaar dat iemand zonder kennis van de Nederpopgeschiedenis een taxi naar de Qzesvijf kade vraagt, is natuurlijk errag aanwezig. Nog zo’n regel is dat een nieuwe straatnaam niet langer dan 24 tekens mag zijn. Het Earth and Fire plantsoen kan dan gelukkig nog nét.

Voor personen gelden er nog weer andere regels. Zo worden er in principe geen straatnamen vernoemd naar mensen die nog in leven zijn. Want een straatnaam is alleen geschikt voor onomstreden personen en dat weet je pas als die persoon is overleden. Een uitzondering hierop zijn de leden van het koningshuis. Zij mogen bij leven wel vernoemd worden, want men gaat ervan uit dat zij sowieso onomstreden zijn. Als sportminnende natie maken we ook graag een uitzondering voor sporthelden die een bijzondere sportprestatie hebben geleverd. Zo is er al een straat vernoemd naar zwemster Ranomi Kromowidjojo. Voordeel voor vrouwen is dat zij tegenwoordig bij vernoemingen een streepje voor hebben omdat in het verleden al veel straten naar mannen zijn vernoemd. Voor de geweldige zangeressen Mariska Veres, Jerney Kaagman en Anouk zie ik dus volop kansen! Zeker als je bedenkt dat zij topsport bedreven door jaar in jaar uit op de diverse podia te rocken.

Naast de straatnamenvernoemingen wil initiatiefnemer Reitsma een ‘Walk of Fame’ en een standbeeld voor de Golden Earring. Dat laatste vind ik een mooi gebaar omdat begin februari de band genoodzaakt was te stoppen vanwege de ziekte van bandlid George Kooymans. Sowieso zou het verdiend zijn omdat de hit Radar Love tot in Amerika een groot succes was. Diverse Haagse politieke partijen hebben al laten weten het plan te omarmen, wat zeer goed nieuws is!

Ik wil natuurlijk dat het plan doorgaat, dus roep ik iedereen op de petitie Eer de Haagse Muzikanten te tekenen. De digitale handtekeningen worden eind maart overhandigd aan de Haagse straatnaamcommisie, de Haagse raad en het college van B & W. Hoe geweldig zou het zijn als we ooit over een Earth and Fire plantsoen of een Jerney Kaagman kade kunnen lopen?!

Als ik toch als tiener had geweten dat er naar mijn lijfband een straat vernoemd zou worden, ik zou hemel en aarde hebben bewogen om er te kunnen wonen. Waarschijnlijk samen met al mijn penvriendinnen uit die tijd. Al was het maar voor een weekend.

French Connection (#6)

Ik herinner me nog goed hoe Gert en ik op een mooie septembermiddag door Marjorie over allerlei slingerdeslang weggetjes naar een repetitieruimte in een landhuis ergens in de Dordogne werden gereden. Bij binnenkomst zag ik Hans achterin de kamer zitten. Hij hield bladmuziek omhoog en ik ging in een stoel naast hem zitten om te horen wat het was. ‘Jazz standards’ zei hij, net voordat de band een nieuw nummer inzette. De kamer vulde zich met opzwepende, jazzy klanken. Ik realiseerde me ineens dat ik naar twee helden uit mijn jeugd zat te luisteren, terwijl ik naast een derde zat. Chris en Gerard Koerts en Hans Ziech, drie muzikanten uit mijn favoriete band. U weet wel, Earth and Fire.

Mijn sneue lot als fan uit de tweede golf is dat ik twee van die muzikanten nooit spelend in Earth and Fire op een podium heb zien staan. Hans verliet de band al in 1974 en Chris speelde zijn laatste akkoorden als gitarist van Earth and Fire op zijn verjaardag in 1979. Gelukkig heb ik Gerard nog wel een paar keer zien optreden. De eerste keer was tijdens het NCRV festival op 23 mei 1981. Jaren later las ik in de Earth and Fire biografie van Fred en Dick Hermsen waarom het toen best lang duurde voor de band het podium op kwam. Gerard moest uit Frankrijk komen en meldde zich wat aan de late kant bij de artiesteningang van Ahoy.

Die bewuste middag in Frankrijk waren Gert Oosterhuis en ik niet aanwezig bij een repetitie van Earth and Fire, maar van French Connection, de band waarin Chris en Gerard een aantal jaren samen speelden. Het was in 2017 en de broers woonden toen al jaren in Frankrijk. French Connection was in 2004 opgericht door Chris en toetsenist Gerhard (Gérard) Weisshaupt. De eerste bassist (en zanger) Nick Radcliff verhuisde in 2015 waarna Gerard werd gevraagd om te komen bassen. Toen wij er waren speelde Gerard op bas, Gérard op toetsen, Sam Drury op drums en Chris zoals altijd op z’n Gibson. Saxofonist Wieger Frenken en zangeres Maria Autana waren die middag verhinderd. De repetitie vond plaats in het huis van Gérard. Bijzonder voor ons was dat Hans die middag ook bij de repetitie aanwezig was. Hij logeerde met zijn vriendin Corine bij Gerard en Ella, terwijl Gert en ik te gast waren bij Chris en Marjorie.

Wat genoot ik van die middag! Van de gespeelde nummers zijn me het meest de instrumentale meesterwerken Children (Robert Miles) en Also sprach Zarathustra (Deodato) bijgebleven. Mooi vond ik de blik van Gerard naar Chris als er zich een overgang in de muziek aandiende. En heerlijk waren die ‘verhalenvertellende’ solo’s van Chris. Ik zag dat de broers het nog steeds heerlijk vonden om muziek te maken, maar begreep ook dat optreden voor publiek daarbij geen noodzaak was. Met French Connection hadden ze in de jaren wel af en toe opgetreden, maar vaker op gezellige tuinfeesten dan op de officiële podia. Wat me toen ook opviel was dat ze nog steeds het beste uit de muziek wilden halen waardoor ik ineens snapte waarom ze altijd naar het hoogste voor hun band Earth and Fire hadden gestreefd.

Vandaag is het twee jaar geleden dat Gerard overleed. Rond borreltijd schenk ik mezelf een biertje in, swipe nog eens door de foto’s van die middag en proost op hem en op zijn muziek die mij nog steeds zoveel vreugde geeft.


French Connection speelt ‘Also sprach Zarathustra’ tijdens
een feest van Gérard op 17 augustus 2019. Met nieuwe bassist Stefan.

Foto van Gerard en Chris: Maria Autana

Goudkoorts (#5)

Het is Valentijnsdag vandaag. Een dag om verliefd te zijn. En dat ben ik. Al meer dan 40 jaar loop ik smoorverliefd langs de oevers van het oeuvre van mijn favoriete band. U weet wel, Earth and Fire.

Tijdens die jaren stopte ik regelmatig even bij een bocht in de rivier die Internet heet en zocht ik met Google, de hedendaagse goudpan – het filter van internet – naar een klompje goud. Vroeger waren dat LP’s en parafernalia die ik nog niet in mijn bezit had. Via e-bay gekochte Japanse CD’s, buitenlandse singles, bijzondere persingen, de lucifershoes en het Roger Dean-album. Zelfs het boek van Roger Dean met al z’n hoezen voor diverse popgroepen. Maar ook elk nieuwtje over mijn lijfband verzamelde ik als ware het een kostbaar flintertje goud.

De laatste jaren leek de goudbron opgedroogd waardoor de gouddeeltjes steeds kleiner werden. Of vond ik helemaal niets. Of zocht ik niet goed genoeg. Want afgelopen woensdag maakte meester goudzoeker Ko gewag van een grote goudklomp en plaatste het bericht erover in de Earth and Fire Facebookgroep. En daarna kwam er een ware goldrush op gang. De fans struikelden virtueel over elkaar heen om te weten te komen waar zij het goud konden vinden. De reacties gingen van ‘fake news?’, ‘waar bestellen’, ‘leuk voor de heb’ tot aan de vraag of het wel om the real thing ging.

De betreffende goudklomp is een speciale ‘50th anniversary edition’ van het album Song of the Marching Children. Op goud vinyl! Omdat het 50 jaar geleden is dat het album voor het eerst werd uitgebracht. Dat was in oktober 1971. Geweldig dat er nog platenlabels zijn die juweeltje oppoetsen en opnieuw onder de aandacht brengen. Vorig jaar verscheen bij Music on Vinyl, de uitgever van deze bijzondere verjaardagseditie, ook al het dubbelalbum Golden Years. Toen op rood vinyl, in een beperkte oplage van 1.000 stuks. Elke plaat met een eigen nummer.

Gouden platen waren vroeger een uiting van commercieel succes en werden uitgereikt aan bands die 30.000 exemplaren van een bepaald album hadden verkocht. Voor Song of the Marching Children kreeg Earth and Fire in juni 1973 goud. Die gouden status van een album was toen nog heel overzichtelijk. Het album was dan echt 30.000 keer over de toonbank gegaan. In de slipstream van die verkoop werden er hier en daar wel eens kopieën gemaakt, maar dat was toen nog geen bijl aan de wortels van het verkoopsucces.

De release van de 50ste verjaardagseditie staat gepland op 6 maart en de goldrush is al in volle gang. Want er worden slechts 750 exemplaren geperst. Ook weer elk apart genummerd. Dus wie dit collectors item wil hebben moet er snel bij zijn. Misschien een leuk verlaat Valentijnscadeau? Ik heb mijn exemplaar alvast veilig gesteld. Ontvang ik als fan ook eens goud…